Vuurzee bij regenkledingfabriek Fitwell
Fabriek brandt tot de grond toe af
Een enorme vuurzee legt de barakken van de Goese regenkledingfabriek Fitwell volledig in de as. Brandweercommandant Taekema ziet bij aankomst al dat het een “hopeloze opgave’” wordt. Met tien stralen lage druk lukt het de brandweer wel om overslag naar de omgeving te voorkomen.
Fitwell is een fabriek voor regenkleding. Het Amsterdamse bedrijf opent in 1965 een Goese vestiging aan de Oostsingel 1. In de fabriek werken ongeveer zestig personeelsleden. Zij werken in vier aaneengeschakelde houten barakken.
In een van de barakken zitten een kantine en een magazijn. Het magazijn ligt vol met regenkleding, klaar voor transport naar winkels in het land. Door de kou blijven de kachels in de kantine aanstaan. De warmte van de kachel en de grote hoeveelheid brandbaar materiaal zorgen later voor het begin van een ramp.
De brandmelding
Die dinsdagavond komt om 22.15 uur de melding van een voorbijganger binnen bij brandweer Goes. Na zes minuten verlaten de Geesink-tankautospuit en de Chevrolet met motorspuit de kazerne aan de Brouwersgang. Niet veel later volgt de Magirus-autoladder.

Vijf minuten later rijden de voertuigen de Oostsingel op. Daar zien de ganzenstadblussers meteen een grote vuurzee. De stralingswarmte is zo sterk dat de gebouwen nauwelijks te benaderen zijn. Commandant Taekema besluit daarom direct de omliggende panden te beschermen. Het doel is duidelijk: voorkomen dat het vuur overslaat.
Bescherming van de omgeving
De woningen op ongeveer 25 meter afstand krijgen het zwaar te verduren. De verf op deuren begint al af te bladderen door de hitte. Ook vrezen bewoners dat de ramen zullen springen.
Eerst plaatst de brandweer een waterscherm tussen de fabriek en de woningen. Later wordt dit vervangen door zes stralen lage druk, drie aan elke kant van het brandende complex. Voor de watervoorziening gebruikt men de stadshaven.
Via een brandkraan worden nog eens vier stralen ingezet aan de voor- en achterzijde van het terrein. In totaal werken tien stralen tegelijk. Daarmee wordt de brand als het ware ingepakt. Na ongeveer twintig minuten is de brand meester en kan de brandweer beginnen met het nablussen van verschillende brandhaarden.
Gevaar van een gasbrand
Tijdens het blussen ontstaat nog een extra probleem. In het pand brandt ook een gasleiding. Het blijkt niet mogelijk om de gastoevoer buiten het gebouw af te sluiten.
Brandweerlieden koelen daarom eerst de plek van de hoofdkraan met enkele stralen. Tegelijk worden alle brandhaarden in de omgeving zorgvuldig afgeblust. Pas dan kan een medewerker van nutsbedrijf Zegam naar binnen. Met asbesthandschoenen sluit hij de gaskraan af. Wat volgt is een luid applaus van de omstanders. Daarna kan de brand definitief worden gedoofd.
Grote schade
De schade loopt volgens de directeur van Fitwell op tot ongeveer twee ton. De barakken zijn eigendom van de gemeente Goes. Ze zijn eerder gebruikt als voorziening voor het Gasthuis. Van de gebouwen en de inventaris blijft na de brand vrijwel niets over.
Een tijdelijke oplossing
Al snel kijkt men naar een nieuwe plek om de productie voort te zetten. Het ‘Schuttershof’ blijkt te klein. Aan de Anthony Fokkerstraat is wel genoeg ruimte voor een tijdelijk gebouw.
Op 13 januari 1969 neemt Fitwell daar een noodfabriek in gebruik. Het oude terrein aan de Oostsingel wordt later ingericht als parkeerterrein.
Sluiting van de fabriek
Lang blijft de fabriek niet bestaan. In 1974 sluit de vestiging aan de Anthony Fokkerstraat 4 de deuren. Er is een tekort aan personeel. De productie verhuist naar een andere fabriek in Sas van Gent. Voor eenentwintig naaisters betekent dit het verlies van hun baan. Daarmee komt een einde aan de korte geschiedenis van Fitwell in Goes.

(collectie brandweer Goes)
